Forest To Plate in AS Adventure magazine

Forest To Plate in La Capitale

À Bombay en vélo pour des plantes comestibles

La Capitale - 28 Jul. 2016 Pagina 5

La cueillette et la cuisine des plantes sauvages n’ont jamais eu autant le vent en poupe. Les particuliers comme les grands chefs s’y sont mis. Un engouement partagé de longue date par Ben Brumagne, un Bruxellois mordu de voyages et de découvertes culinaires. Une soif d’évasion qui l’a conduit à rejoindre Bombay (Inde) à vélo ! Portrait de ce jeune homme qui n’a pas froid aux yeux.

Ben Brumagne raffole des plantes. Au point qu’en 2014, il décide d’enfourcher son vélo pour parcourir... 8.000 kilomètres. Soit la distance qui sépare Bruxelles de Bombay (Inde). « Tout a commencé en 2010, lorsque j’ai voulu faire un tour du monde », explique Ben dont la langue maternelle est le néerlandais. « J’avais remarqué que beaucoup de peuples trouvaient leur nourriture ou remèdes médicinaux dans la nature. En sachant ça, je trouvais étonnant qu’en 18 ans d’existence, je ne connaisse aucune plante sauvage comestible. J’ai donc étudié la phytothérapie et l’agriculture biologique et suis devenu obsédé par tout qu’on pouvait manger dans la nature ! » L’objectif de son voyage était donc clair : apprendre et s’informer sur les plantes sauvages comestibles qu’il croise avec son deux-roues. Son projet « Forest To Plate » était né.

Des dîners au documentaire

« Le but est de promouvoir les plantes sauvages comestibles et de préserver les informations qu’on a sur elles, car on sait que ce sont les anciennes générations qui possèdent ce savoir. » Des connaissances d’autant plus précieuses que les plantes sauvages renferment de nombreuses vertus. « Chaque plante possède plusieurs substances nutritives qui ont un impact différent sur le corps. Intégrer les plantes sauvages dans son menu revient donc à bénéficier de tout un tas de bienfaits, surtout quand elles sont fraîches. Leur goût, leur parfum sont aussi beaucoup plus importants que ceux de l’agriculture traditionnelle », poursuit celui qui se trouve aujourd’hui au Népal pour accompagner un restaurateur local à ouvrir sa propre adresse culinaire.

De retour à Bruxelles, Ben s’est mordules doigts de ne pas avoir filmé ses six mois d’aventure. « J’ai alors créé une petite équipe pour m’accompagner lors d’un tournage en Serbie. Parce que le projet nécessitait de l’argent, j’ai en parallèle organisé à Bruxelles des dîners autour des plantes sauvages qui ont été très chaleureusement accueillis. Les gens étaient très curieux et réceptifs. Alors, j’ai ensuite mis sur pied des workshops de 2-3 jours où l’on apprend quoi cueillir et comment le faire de manière responsable. »

Grâce au soutien de la TV flamande (Canvas), Ben et ses camarades ont reçu l’autorisation de réaliser un documentaire en Israël sur les plantes sauvages et sur leur pouvoir de rapprocher les cultures. « Le sujet commence à retenir l’attention du monde entier et je commence tout doucement à développer des projets touristiques en Serbie, en Israël, et bientôt en Espagne et au Népal ».

A.D.

A.D.

Copyright © 2016 Sud Presse. Alle rechten voorbehouden

Forest To Plate in Knack weekend

DE NATUUR ALS snackbar

Knack/Weekend Knack - 22 Jun. 2016 Pagina 20

Zeg niet zomaar onkruid tegen paardenbloem (vitaminebom) of distel (soort artisjok). Planten of bloemen die je achteloos voorbijwandelt, liggen straks misschien op je bord. Welkom in de wereld van wildplukkers.

“Kijk, de paardenbloem. Superfood bij uitstek en een van de leukste eetbare planten die je kunt vinden. Want alles eraan is bruikbaar. Het bloemhoofdje voor een lekkere siroop, de blaadjes voor een salade, en ook de wortel is eetbaar. Bovendien zitten ze tjokvol vitaminen.” Knack Weekend ging op pluktocht met Geert Heyneman, Gents stadsecoloog, wildplukpionier, en ook kok en bioloog. Steeds meer hippe foodies duiken het groen in om hun rieten mandje te vullen. Planten, bloemen, paddenstoelen en kruiden :

ze komen thuis met een goedgevuld buffet. Niet alleen gratis, maar ook nog eens gevarieerd. Proefde u ooit al van gefrituurde berenklauw ?

“België telt zo’n 1400 variëteiten aan eetbare planten”, vertelt Heyneman. “In Gent alleen al vind je er een achthonderdtal. Het zijn soorten die er op het eerste gezicht misschien niet altijd eetbaar uitzien, maar dat wel degelijk zijn. En dan heb ik het nog niet over de talrijke varianten die tot op heden niet geïnventariseerd werden. Het aanbod is onuitputtelijk.” Krentenboompje, veldkers, kleefkruid, kaasjeskruid, schapenzuring, fluweelpootjes. Ook de taalliefhebber kan zijn hart ophalen in plantenland.

IN HET SPOOR VAN REDZEPI

Wilde planten plukken en eten is natuurlijk niet nieuw. Onze voorouders bouwden jarenlang een piratenschat aan botanische kennis op die bedolven werd onder de supermarktrekken. Dat de traditie nu aan een comeback toe is, hebben we te danken aan René Redzepi van Noma in Kopenhagen die zijn algen eigenhandig uit de zee ging vissen. Het verhaal van Redzepi’s inspiratie om met Noma te beginnen, is bekend. Hij ontdekte een handleiding van het Zweedse leger waarin gedetailleerd stond uitgelegd hoe je kan overleven met enkel ingrediënten uit de natuur. De chefs van Redzepi, zogenaamde ‘foragers’, trokken langs bossen, velden en stranden om hun borden te vullen. Met hun oogst tilden ze menig gerecht naar hip niveau.

Ook de opkomst van de slowfoodbeweging voedde de revival, meent Heyneman. We raken weer verknocht aan de natuur. We willen puur eten op ons bord, met pure smaken. Wat artificieel is, wordt geweerd. Daarnaast heeft wildplukken een duurzaam karakter. Het gaat om lokale producten, je hoeft geen kilometers af te leggen. Mensen willen weten waar hun ingrediënten vandaan komen en rechtstreekser kan je niet gaan.

Heyneman onderzoekt ze, eet ze uit de hand, experimenteert ermee, geeft ze een rol in gerechten, bedenkt siropen, drankjes of andere originele creaties. Zoals Ginderella, een eigen gin met robertskruid, extracten van reuzenberenklauw, jonge scheuten van Japanse duizendknoop en andere smaakmakers uit de natuur. Reuzenberenklauw pluk je best niet zomaar uit de natuur, wegens het gevaar op brandwonden wanneer het sap in contact komt met de huid. Maar tijdens het distilleren worden de actieve elementen afgebroken en ondergaan ze een transformatieproces naar lekkere smaken.

DISTEL OP EEN TOASTJE

Hij neemt ons mee tijdens een kleine pluktocht aan het Rood Klooster, een voormalige priorij aan de voet van het Zoniënwoud. Bij de collega-plukkers is ook Joanne Brown, ambassadrice van The Botanist, een Schotse gin met ruim twintig met de hand geplukte kruiden uit de wilde natuur.

Na de paardenbloem wijst Heyneman naar het madeliefje, nog zo’n plant die we allemaal kennen. “Geen enkele andere eetbare plant valt ermee te vergelijken. De bloem blijft langer goed dan haar soortgenoten. En net als met vlierbloesem kan je er ook een siroop van trekken. Ook lekker in een slaatje of gewoon als decoratie op het bord.” Enkele stappen verder krijgen we de zogenaamde look-zonder-look onder de neus geduwd, een bloem die een mild knoflookaroma afgeeft. “En de wortel heeft de kwaliteiten van mierikswortel, wat ook mogelijkheden biedt in het cocktailglas.”

Op enkele vierkante meters houdt hij verschillende planten onder de loep. Er wordt gesnoven en geproefd. We houden halt bij de hondsdraf, een bodembedekker met een bittere grondsmaak. “Vergelijk het met tijm in de keuken.” De soorten eetbaar onkruid volgen elkaar aan hoog tempo op. “Het zevenblad, een beetje selderachtig, kun je in een bouillon draaien. Pimpernel, vroeger nog een echte groente, wordt nu gekweekt voor restaurants terwijl het in de natuur zo te rapen valt. Robertskruid, ook aanwezig in Ginderella, is een vervanger voor koriander.”

De kleine varkenskers, een van zijn favoriete wildbloemen, is misschien wel de openbaring van de dag. Zakmes in de aanslag snijdt hij de stengel eraf voor een proevertje. De kruipende plant groeit in de stad welig tussen de straatstenen en stoeptegels. Echt onkruid dus, zo dachten wij toch, met bovendien een sterke geur. Maar perfect eetbaar. In de mond heeft het een scherpe smaak, een beetje te vergelijken met tuinkers en mosterdblad. “Met het extract ervan maak ik mijn favoriete pesto.” Ook de distel kan trouwens geplukt worden. De Italiaanse chef Antonio Carluccio is er weg van. Het ‘oorlogsvoer’, zoals het in vervlogen tijden werd genoemd, heeft een licht bittere artisjoksmaak als het ontdaan is van zijn stekelige buitenkant. “In restaurants krijg je het verwerkt op een toastje.”

VOORMALIGE COUNTRYSIDE HOBBY

Wat vroeger eerder in het vakje ‘countryside hobby’ paste, is vandaag populair bij jong en oud. Met dank ook aan de restaurants die het fenomeen culinaire cool gaven. Bij ons staat sterrenkok Kobe Desramaults er bijvoorbeeld om bekend dat hij weleens met knipmes op stap gaat. In Nederland wordt zelfs een gastronomische award, de Gouden Schaal, uitgereikt aan koks die het creatiefst omgaan met ingrediënten recht uit de natuur. Ook hippe gins zoals The Botanist hielpen het geitenwollensokkenimago mee de wereld uit.

Copyright © 2016 gopress. Alle rechten voorbehouden

De hype rond foraging woekert aan het tempo van klimop. Er duiken gespecialiseerde apps, fora en natuurclubs op. Onder meer bij The School of Life in Antwerpen kan je een cursus Wildplukken voor Beginners boeken. In Brussel kan je terecht bij Forest to Plate, een initiatief van de 24-jarige Ben Brumagne uit Laken. Hij fietste ooit naar India, ontdekte onderweg dat onze natuur een grot van Ali Baba is, kwam terug en volgde onder meer een herboristenopleiding. “Al die jaren zit je braaf op school en plots ontdek je dat er een wereld is waar je totaal geen weet van hebt. Je hele leven loop je door bossen of parken en plots blijkt dat bijna alles daarin eetbaar is.”

Sinds een jaar organiseert Brumagne Wildplukkers Weekends waar wannabe foragers op plantenjacht gaan en met hun buit de keuken in trekken. Hij kan de inschrijvingen niet bijhouden, zegt hij. “Ik zit zeven dagen op zeven vol. Er is veel onwetendheid, en de honger naar plantenkennis is groot.” Kan iedereen zomaar beginnen plukken ? “Beter van niet. Ik vergelijk het met autorijden : je laat je best eerst de regels uitleggen. Neem nu daslook. Geweldig lekker en ook heel populair. Maar een typische beginnersfout is aronskelk of lelietje-van-dalen plukken, twee planten die er goed op lijken maar in feite giftig zijn.” Een groepje Portugese foragers stierf ooit na het knabbelen op een portie gevlekte scheerling, waarmee Socrates vergiftigd werd, zo gaat een urban legend. “Die plant lijkt als twee druppels water op fluitenkruid, familie van de kervel. In principe zijn dodelijke planten in onze contreien zeer zeldzaam, maar je kan wel erg ziek worden van sommige variëteiten. Daarom dat ik altijd zeg : begin er maar beter niet aan als je de basis niet kent.”

FOOD FOREST

Ook buiten België wordt er volop gegrasduind in de voorraadkast van de natuur. In sommige steden wordt wildplukken letterlijk gecultiveerd. Seattle, bijvoorbeeld, heeft een Food Forest met een Edible Arboretum en een Nut Grove . “Niet onlogisch als je kijkt naar de stijgende voedselprijzen en het feit dat er in de wereld steeds meer monden zijn om te voeden”, zegt Ben Brumagne. René Redzepi noemde het in zijn TED Talk in 2011 ‘culinary common sense’ . Als betere, goedkopere en gezondere ingrediënten voor het grijpen liggen, waarom zouden we ze dan niet gebruiken ?

Brumagne plant een heus bos vol eetbare bomen. “Ik ben met een groep ondernemers aan het bekijken om veertigduizend wilde appelaars of perelaars te planten. Vroeger stond onze omgeving er vol van, waar zijn die naartoe ?” Het plan is om particulieren de bomen te laten adopteren. “Doe jezelf met Kerstmis een boom cadeau en pluk je eigen vruchten.” We kunnen niet wachten op de overheid, we moeten zelf in gang schieten, vindt Brumagne. “Ze denken er niet over na. Voorbeelden zoals Seattle zijn hier niet in de maak. Het aanplanten van bomen is een goed voorbeeld. Waarom worden er zo weinig eetbare bomen geplant in onze straten ? Wat ben je nu met Japanse kerselaars zonder kersen ?”

Door David Bitoune

Copyright © 2016 Roularta Media Group. Alle rechten voorbehouden

Forest To Plate in Le Vif

 

LA NATURE DANS L’ASSIETTE

Le Vif/L'Express Weekend - 08 Jul. 2016 Pagina 28

Le pissenlit et le chardon, des mauvaises herbes ? Une balade en compagnie d’adeptes de la cueillette sauvage pourrait bien vous faire changer d’avis. L’heure est à un retour vers la terre nourricière, en mettant plantes et fleurs au menu.

«Le pissenlit est un superaliment par excellence. Bourré de vitamines, c’est également l’une des plantes comestibles les plus intéressantes. Tout est bon : les capitules servent à faire de délicieux sirops, les feuilles se préparent en salade et même la racine
se mange. » Voici une découverte, parmi tant d’autres, que l’on fait au cours d’une balade avec Geert Heyneman, pionnier de la cueillette sauvage, cuisinier et biologiste. Pas de doute, la tendance est là : toujours plus de foodies branchés se mettent au vert pour remplir leur panier à provisions. Plantes, fleurs, champignons et herbes : tout y passe, et en plus, c’est gratuit et diversifié. Groseillier des Alpes, cresson des prés, grateron, mauve, petite oseille, souchette... La Belgique compte quelque 1 400 variétés de plantes comestibles. « Rien qu’à Gand, on en trouve huit cents, précise celui qui est aussi écologue auprès de la ville flamande. Il s’agit d’espèces qui, à première vue, ne semblent pas mangeables, mais qui, pourtant, le sont bel et bien. Ajoutez à cela les innombrables variantes qui, jusqu’à présent, n’ont pas encore été inventoriées : l’offre est inépuisable. »

DANS LES PAS DE REDZEPI

Cueillir et manger des plantes sauvages n’est pas neuf. Nos ancêtres ont amassé pendant des siècles un trésor de connaissances botaniques, qui a disparu au profit des rayons des supermarchés. Le come-back de cette tradition, c’est à René Redzepi, chef du Noma, à Copenhague, qu’on le doit, lui qui pêchait ses algues à la main dans la mer. La petite histoire veut qu’il a un jour découvert un manuel de l’armée suédoise expliquant de manière détaillée comment assurer sa subsistance en pleine nature. Ainsi, ses cuisiniers, rebaptisés « foragers » ( NDLR : « cueilleurs »), ont arpenté bois, champs et plages pour remplir leurs casseroles. Avec leur récolte, ils ont confectionné des recettes qui font un carton aujourd’hui.

Cette réhabilitation est aussi due à l’avènement du mouvement slow food, analyse Geert Heyneman. « Nous renouons avec la nature. Nous voulons avoir des aliments sains dans notre assiette, des saveurs pures. Tout ce qui est artificiel est rejeté. Et puis, la cueillette sauvage a un caractère durable. Il s’agit de produits locaux, qui n’ont pas parcouru des centaines de kilomètres. A l’heure où les consommateurs veulent savoir d’où proviennent les ingrédients, difficile de faire plus direct. »

CHARDON SUR TOAST

Pour notre cueillette au Rouge-Cloître, ancien prieuré à l’orée de la forêt de Soignes, nous sommes aussi accompagnés de Joanne Brown, ambassadrice de The Botanist, marque de gin écossais qui contient une bonne vingtaine d’herbes sauvages récoltées à la main. Après le pissenlit, le botaniste attire maintenant notre attention sur la pâquerette, bien connue de tous. « Aucune autre plante comestible ne lui est comparable. La fleur se conserve plus longtemps, elle offre un délicieux sirop, à la manière des fleurs de sureau. On peut par ailleurs la préparer en salade ou en décorer les assiettes. » Quelques pas plus loin, on hume l’alliaire officinale, dont

le parfum lui vaut le surnom d’herbe à ail. « Sa racine a les qualités du raifort, ce qui donne des possibilités intéressantes dans la préparation de cocktails. » Sur quelques mètres carrés, notre spécialiste examine plusieurs variétés à la loupe, nous invitant à les respirer et à les goûter. Nous nous arrêtons un instant sur le lierre terrestre, un couvre-sol envahissant au goût terreux et amer, semblable au thym. Les espèces comestibles s’enchaînent. « L’herbe aux goutteux, qui rappelle un peu le céleri, peut relever un bouillon. La pimprenelle, qui jadis était un vrai légume, est aujourd’hui cultivée pour certains restaurants, alors qu’il suffit de la ramasser dans la nature. L’herbe à Robert, présente par exemple dans le gin Ginderella, est un bon substitut de la coriandre. »

La corne-de-cerf, une des fleurs sauvages préférées de l’expert, est sans doute la révélation de la journée. Il coupe la tige à l’aide de son couteau de poche, toujours prêt à servir, pour la déguster. Cette plante rampante prolifère en ville entre les pavés des rues et les dalles des trottoirs. Une véritable mauvaise herbe, a priori, qui dégage en plus une forte odeur. Mais elle aussi est parfaitement comestible. En bouche, elle a un goût prononcé, évoquant à la fois la cressonnette et la moutarde brune. « J’utilise son extrait
pour préparer mon pesto préféré. » Le chardon se cueille également, et le chef italien Antonio Carluccio, notamment, en est féru. Consommée pendant la guerre, la plante développe un arôme d’artichaut légèrement amer lorsqu’elle est débarrassée de son enveloppe épineuse. « Dans les restaurants, on la sert en toast », commente Geert Heyneman.

AU GOÛT DU JOUR

Ce qui correspondait autrefois à un loisir typiquement rural est désormais à la pointe de la tendance, notamment grâce aux grands restaurants, qui ont favorisé l’engouement pour ce phénomène. En Belgique, par exemple, le chef étoilé Kobe Desramaults part
de temps en temps en promenade armé d’un canif. Aux Pays-Bas, un prix gastronomique – le Gouden Schaal, ou « plateau d’or »
– est même attribué au cuisinier qui accommode de la manière la plus créative les ingrédients glanés directement dans la nature. L’International Native Cooking Award ( lire par ailleurs ) fait également la part belle à la cueillette. Enfin, des gins branchés tels que The Botanist contribuent à rompre avec cette image purement écolo, démontrant que l’intérêt pour la discipline pousse comme du chiendent. Des applis spécialisées, des forums et des clubs font leur apparition. The School of Life, à Anvers, propose des cours pour débutants. A Bruxelles, on peut s’adresser à Forest to Plate, une initiative de Ben Brumagne. Ce jeune Belge de 24 ans a parcouru

8 000 kilomètres à vélo jusqu’en Inde. Sur la route, il s’est aperçu que la nature était une véritable caverne d’Ali Baba et, de retour chez nous, il s’est lancé dans l’herboristerie. « Pendant des années, on suit bien sagement les cours, puis subitement, on découvre un monde qu’on ne soupçonnait pas. On se promène dans des bois et des parcs et, d’un coup, on se rend compte que tout est comestible, ou presque. »

Depuis un an, notre homme organise des week-ends de cueillette sauvage en Ardenne, où les participants utilisent ensuite le produit de leur récolte en cuisine. Et l’organisateur a du mal à faire face à la demande. « Nous sommes complets sept jours sur sept,

Copyright © 2016 gopress. Alle rechten voorbehouden

s’enthousiasme-t-il. Les gens ont soif de connaissances sur les plantes, dont ils ignorent tout. » Tout le monde peut-il s’y mettre ?
« Non. C’est un peu comme conduire une voiture : il vaut mieux d’abord apprendre la théorie. Prenez l’ail des ours, par exemple,
qui est absolument délicieux et très apprécié. L’erreur typique du débutant consiste à cueillir de l’arum ou du muguet, deux plantes
qui lui ressemblent mais sont en réalité toxiques. » Si l’on en croit les anecdotes qui circulent dans le milieu des « foragers », un groupe de cueilleurs portugais aurait un jour trouvé la mort après avoir grignoté de la grande ciguë, la plante avec laquelle Socrate s’est empoisonné. « Elle ressemble comme deux gouttes d’eau au cerfeuil sauvage, explique le spécialiste. En principe, les plantes mortelles sont très rares dans nos contrées, mais certaines variétés peuvent vous rendre très malades. C’est pourquoi j’insiste pour ne pas se lancer tant que l’on ne maîtrise pas les bases. »

DU BON SENS

A l’étranger aussi, on furète dans le garde-manger de la nature. Au point que dans certaines villes, la cueillette sauvage est littéralement cultivée. Seattle, par exemple, s’est dotée d’une Food Forest, d’un Edible Arboretum et d’un Nut Grove. « Ce n’est pas illogique, vu l’augmentation des prix de l’alimentation et du nombre de bouches à nourrir dans le monde », estime Ben Brumagne. René Redzepi, encore lui, avait parlé de « bon sens culinaire » à la conférence TED de 2011. Si des ingrédients de meilleure qualité, moins chers et plus sains sont à portée de main, pourquoi s’en priver ?

Le Bruxellois se lance aujourd’hui dans l’élaboration d’une forêt d’arbres à fruits comestibles. « J’ai l’intention de planter 40 000 pommiers ou poiriers sauvages avec un groupe d’entrepreneurs. Avant, il y en avait partout. On est en droit de se demander où ils sont passés... » L’idée est de faire adopter les arbres par des particuliers. Pour Ben Brumagne, c’est aux citoyens à agir. « Ce sujet n’intéresse pas les autorités. Des projets tels que celui de Seattle ne sont pas envisagés. Pourtant, la plantation d’arbres est un bon exemple. Pourquoi y a-t-il si peu de fruitiers comestibles dans nos rues ? A quoi bon des cerisiers du Japon qui ne donnent pas de cerises ? » Pas illogique, en effet...

PAR DAVID BITOUNE

Copyright © 2016 Roularta Media Group. Alle rechten voorbehouden

Herfst Wildpluk 2 daagse

WILDE EETBARE PLANTEN ZIJN OVERAL TE VINDEN EN DOORHEEN DE GESCHIEDENIS GEBRUIKT ALS DAGELIJKS VOEDSEL. BIJNA UIT HET OOG VERLOREN, WORDT DEZE KENNIS TERUG VERSPREID EN OOK TOP-RESTAURANTS DOORHEEN DE WERELD GEBRUIKEN DEZE WILDE PLANTEN ZOWEL VOOR DE PRACHTIGE KLEUREN EN VORMEN ALS DE SUBTIELE EN HEERLIJKE SMAKEN.

IN BELGIE VIND JE HONDERDEN EETBARE PLANTEN. ZEKER IN DE STREEK VAN VIERVES SUR VIROIN WAAR ONGEVEER 70 PROCENT VAN DE BELGISCHE FLORA VOORKOMT IS HET EEN WAAR HERBORISTEN WALHALLA. JE LEERT ER OVER DE GESCHIEDENIS VAN DE PLANT, DE GEBRUIKEN DOORHEEN HET NOORDELIJK HALFROND, DE EETBARE MOGELIJKHEDEN EN MEER. 

GEDURENDE 2 DAGEN, WORD JE GEÏNTRODUCEERD TOT DEZE PRACHTIGE WERELD, DIE ALTIJD EN OVERAL RONDOM ONS IS. JE ZAL NA DEZE PERIODE NAAR HUIS GAAN MET EEN BASISKENNIS WAARMEE JE VERSCHILLENDE PLANTEN KAN IDENTIFICEREN EN GEBRUIKEN IN HET DAGELIJKSE LEVEN. SAMEN DE NATUUR INTREKKEN EN ZELF PLANTEN ZOEKEN IS DE BESTE LEERSCHOOL. DAAROM GAAN WE OOK VOORNAMELIJK BUITEN ZIJN. 

VOOR DEZE 2 DAAGSE WORDT €200 (Inc Btw) GEVRAAGD. HIERIN INBEGREPEN ZIT ACCOMMODATIE VOOR 2 NACHTEN ( In gedeelde kamers-> 6 kamers), 3 MAALTIJDEN PLUS SNACKS PER DAG EN UITERAARD AL DE ACTIVITEITEN.

WIE AL EENS EEN KIJKJE WIL NEMEN VAN HET HUIS EN OMGEVING KAN DAT DOEN OP DEZE LINK.

JE WORDT VERWACHT MAANDAGAVOND 10/10 OM 20 U. AVOND ETEN VOORZIEN EN VERTREK woensdag 12/10 OM 17U.

MEER INFORMATIE? INSCHRIJVEN? STUUR ME GERUST EEN MAILTJE.

*NO REFUNDS 

WILDPLUKKEN VOOR DUMMIES- Cizzo Magazine

Heb je jezelf ook al eens de vraag gesteld waarom onkruid zo stiefmoederlijk behandeld wordt? In onze westerse gedachtengang willen we zelf rechter spelen in onze tuin. Alles wat ongewenst uit de bodem wortel schiet, beschouwen we doorgaans als iets vervelends dat onze tuin ontsiert. Maar wist je dat je met die planten, die op het eerste zicht banaal lijken, toch heel wat kunt doen?  

Globetrotter Ben Brumagne heeft zich gespecialiseerd in wilde eetbare planten. Via Forest to Plate wil hij zijn kennis doorgeven en leert hij cursisten zelf ‘foerageren’, zoals dat mooi heet.

.....

http://www.cizzo.be/more_hoofd/wildplukken_voor_dummies/

5 wilde eetbare planten in Israël en in je achtertuin (Canvas)

Wilde groenten en eetbare planten: in tijden van Delhaize-op-elke-hoek en city tripjes-naar-de-Albert Heijn zou je bijna vergeten dat ze bestaan. Toegegeven: lekkere erwtjes uit de Colruyt ontvriezen is gemakkelijk, maar wat kan er nu op tegen een fijne boswandeling die je maag ook terug vult? Deze vijf wilde eetbare planten kwamen wij tegen op onze reportagereis in Israël en vind je ook in België terug.

een lijstje door Ben Brumagne, reportagemaker van 'Spijs en Vree'

http://www.canvas.be/de-nomaden/5-wilde-eetbare-planten-in-israel

'Vranckx Israël en Palestina: spijs en vree': eten en laten eten ( HUMO)

Mocht u tot het slag televisiekijkers behoren dat geen aflevering van ‘Vranckx’ overslaat, dan hebt u ongetwijfeld gemerkt dat Rudi z’n zendtijd de afgelopen weken ter beschikking stelde van De Nomaden, een door de VRT aangestuurd los-vast gezelschap van jonge reportagemakers. Vanavond krijgt u ‘Israël en Palestina: Spijs en vree’ op uwtelloor: regisseur Jesse Vander Meersch en zijn kompaan Ben Brumagne gingen in Israël onderzoeken hoe de kennis van wilde eetbare planten de muur tussen Joden en Palestijnen zou kunnen slechten.

De natuur als snackbar: op stap met een wildplukker ( Knack Weekend)

Zeg niet zomaar onkruid tegen paardenbloem (vitaminebom) of distel (soort artisjok). Planten of bloemen die je achteloos voorbijwandelt, liggen straks misschien op je bord. Welkom in de wereld van wildplukkers.

"Kijk, de paardenbloem. Superfood bij uitstek en een van de leukste eetbare planten die je kunt vinden. Want alles eraan is bruikbaar. Het bloemhoofdje voor een lekkere siroop, de blaadjes voor een salade, en ook de wortel is eetbaar. Bovendien zitten ze tjokvol vitaminen." Knack Weekend ging op pluktocht met Geert Heyneman, Gents stadsecoloog, wildplukpionier, en ook kok en bioloog. Steeds meer hippe foodies duiken het groen in om hun rieten mandje te vullen. Planten, bloemen, paddenstoelen en kruiden : ze komen thuis met een goedgevuld buffet. Niet alleen gratis, maar ook nog eens gevarieerd. Proefde u ooit al van gefrituurde berenklauw ? 
...

Verder lezen? http://weekend.knack.be/lifestyle/culinair/de-natuur-als-snackbar-op-stap-met-een-wildplukker/article-longread-720371.html

Broodje brandnetel, in Standaard Magazine

Het rode pijltje van Google Maps landt in het midden van een uitgestrekt groen vlak als ik het dorpje Vierves-sur-Viroin wil lokaliseren. Dit is de plek waar ik de komende drie dagen mijn kuiten zal trainen, op dennennaalden zal sabbelen en vossensporen zal proberen te detecteren. De ervaren herborist Ben Brumagne organiseert er een cursus wildplukken voor beginners: van bos naar bord.

....


Bron: http://www.standaard.be/cnt/dmf20160531_02316577

Kook eens met wilde planten in Laken, BRUZZ

 

Naast supermarkt of afhaalchinees bestaat er nog een andere optie: eetbare planten. De helft van alle Brusselse planten kunnen zo de potten in. Woensdag kunt u er gratis naar op zoek in een stukje Lakense natuur, en dat onder begeleiding van experts.

"Tussen twee straten in Laken ligt een uniek stukje natuur verborgen", zegt Ben Brumagne uit Laken, oprichter van Forest To Plate. "Omdat het terrein al jaren is afgeschermd, vind je er een hele diversiteit aan eetbare planten en kruiden: daslook, wilde bieslook, vlierbloesem, wilde pruimen, bramen, ga zo maar door. Allemaal heel lekker om gerechtjes mee op smaak te brengen."

Samen met Steven Desair van Eatmosphere, een non-profit die voedselverspilling tegengaat, wil Brumagne mensen de kans geven om de biodiversiteit van de plek te ontdekken. Het gaat meer bepaald om het Donderbergterrein, een driehoek groen van 2,5 hectare groot gelegen tussen drie straten in Laken.

De twee organisaties willen Brusselaars wat bijbrengen over wilde natuur en de vele culinaire mogelijkheden die ze rijk is. Daarom organiseren ze op woensdag tussen 13 uur en 20 uur een wandeling op het terrein. "Op een half uurtje krijg je de basisbeginselen mee van planten verzamelen, ofwel foraging. De vuistregel is alvast: ben je niet 100 procent zeker of je een plant wel kan eten, dan doe je het beter niet. Verzamel ook geen planten op plekken die mogelijk vervuild zijn."

Ben Brumagne gaat elk uur uitleggen welke planten er in de kookpot kunnen. Tijdens het evenement worden ook wilde tapas en duurzame drankjes geserveerd. En die komen niet uit de rekken van de supermarkt, zo blijkt. "We koken met voedseloverschotten van de Brusselse vroegmarkt", zegt Desair.

Brumagne verdiept zich al enkele jaren in eetbare planten. In 2014 fietste hij van Brussel tot India op zoek naar eetbare planten. Met zijn project From Forest to Plate wil hij het gebruik van die planten uit de obscuriteit halen: zo geeft hij ook lessen aan apothekers en koks over het gebruik ervan.

Waarom net dat precieze stukje natuur in de kijker staat, heeft te maken met het geplande bouwproject Horticulteurs-Perruches. Voor dat project van de Stad Brussel moet de open ruimte op de Donderberg plaatsmaken voor onder meer een school en woningen.

source: http://www.bruzz.be/nl/actua/kook-eens-met-wilde-planten-laken

Brusselse organisaties laten u proeven van wilde natuur, DE STANDAARD

eatmosphere.PNG

Bent u een stadsmens met een grote passie voor natuur en heeft u al altijd eens willen weten hoe een echte wilde plant smaakt? Dan hoeft u helemaal niet ver te lopen. Donderdag wordt door verschillende organisaties, die zich bezighouden met gezond voedsel en voedselverspilling, een wandeling door de ongerepte natuur van Laken georganiseerd die u alles leert rond wilde eetbare planten.

‘Tussen twee straten in Laken ligt er een van Brussels laatste geheimen verborgen’, klinkt het. ‘Eatmosphere en Forest To Plate wil mensen de kans geven om deze plaats te bezoeken.’ Het gaat om een stuk onaangeroerde natuur van drie hectare groot die gelegen is tussen drie straten in Laken.

De twee organisaties willen de verschillende bezoekers wat bijbrengen over wilde natuur en de voordelen die eraan verbonden zijn. Daarom organiseren ze op 11 mei een wandeling in het natuurgebied, tussen 13 uur en 20 uur.

‘In de eerste plaats is het zeer ontspannend. Mensen komen tot rust in de natuur’, zegt Steven Desair van Eatmosphere. ‘We zijn volgens mij een beetje de voeling met de natuur verloren: kinderen spelen amper nog in het bos en volwassenen gaan er ook veel minder wandelen dan vroeger. Wij willen voornamelijk wat teruggaan naar de basis en het respect voor de natuur terugbrengen. En aantonen dat dit ook in de stad kan.’

Maar wat ook op de agenda staat is educatie omtrent wilde eetbare planten. ‘Wilde planten eten is heel gezond. Deze planten hebben namelijk nog al hun oorspronkelijke bestanddelen, wat culinaire planten niet hebben. Ook hebben ze een medicinale functie’, aldus Desair. Zo geeft Ben Brumagne, oprichter van de betrokken organisatie Forest To Plate, les aan apothekers en chef-koks over deze planten.

Waarom net die plaats als ontmoetingsplaats voor de activiteit dient, heeft te maken met het zogenaamde ‘HOP project’. In Brussel wordt er al een tijdje gewerkt aan plannen om het natuurgebied te vernietigen en er plaats te maken voor verschillende gebouwen. ‘Er is geen plaats meer voor minder natuur, zeker niet in dichtbevolkte steden als Brussel’, stelt Brumagne.

SOURCE: http://www.standaard.be/cnt/dmf20160510_02281905

Wilde planten eten om stukje groen in hoofdstad te redden- HET NIEUWSBLAD

BRUSSEL -

Vandaag kunt u rondwandelen in een verborgen natuurdomein in Laken, er eetbare planten plukken en die later klaar stoven. Met deze actie wil men 2,5 hectare groen vrijwaren van een bouwproject.

Vraag een Brusselaar waar je eetbare planten vindt en hij verwijst je wellicht door naar de winkel. Toch groeien er ook eetbare planten in het wild in de hoofdstad, weet Ben Brumagne van Forest To Plate. Vandaag gaat Brumagne die zoeken, plukken en klaarmaken.

“We zullen onder meer vlierbloesem en wilde bieslooksoorten plukken. En daslook, dat vandaag een populair ingrediënt is in de restaurantkeukens. We doen dit om Brusselaars en anderen erop te wijzen dat een bijzonder stukje natuur tussen de Sint-Albansbergstraat en de Tuinbouwersstraat bedreigd is. Als project Hop groen licht krijgt, moet dat groen plaatsruimen voor beton. En dat terwijl er al zo veel leegstand is in Brussel.”

“De stad Brussel wil er een Franstalige school optrekken voor 680 leerlingen, en ook 75 woningen”, zegt Bens vader Jos Brumagne die al meer dan twintig jaar in van het geplande bouwproject woont. “Wij zijn niet tegen een school of huizen, maar waarom net op die plek? Er zijn al twee scholen in de buurt en heel wat verkeersproblemen in de smalle straatjes. Op de Heizel en Thurn & Taxis, beiden op amper twee kilometer van hier, zijn ook nieuwe woningen gepland, maar geen scholen. Waarom bouw je die school dan niet daar?”

Het Brussels Gewest is aan zet om de bouwvergunning al dan niet af te leveren. Binnenkort maakt een overlegcommissie haar advies bekend.

Leopold II

“Er werden al 483 individuele klachten ingediend tegen het project”, weet Jos Brumagne. “Dat is zowat een klacht voor elk huis in de buurt. Indien het Gewest toch groen licht geeft, starten we een juridische procedure op. We hebben enkele sterke argumenten, waaronder dit: toen koning Leopold II het stukje grond schonk aan de Belgische Staat, die het later doorverkocht aan de stad Brussel, was één van de voorwaarden dat het niet geëxploiteerd mocht worden. Er huizen bouwen om te verhuren, is dus niet toegelaten.”

Wie wil deelnemen aan de actie, moet zich tussen 13 en 20 uur aanmelden ter hoogte van de Tuinbouwersstraat 111. Elk half uur vertrekt een nieuwe groep. Het koken gebeurt onder begeleiding van Eatmosphere, een vzw die strijd voert tegen voedselverspilling.

Dinner gone wild- The Bulletin Magazine

forest_to_plate.jpg

Forest to Plate serves up delectable experiences exploring the wild and wonderful world of edible plants

If you were to bike from Brussels to Mumbai, you’d see climates change and flat fields turn to mountains then back to flat. Customs and religions would reshape themselves and languages would bleed one into the next. But you’d always have your plants, says Ben Brumagne, an herbalist specialised in wild plants.

All throughout the northern hemisphere, whether you’re in North America, Europe, Iran or Nepal, you will find similar species of plants. Some are the exactly the same, many or cousins of one another. So, when Brumagne hopped on his bike and cycled to India a few years ago, he says, “I always felt at home, because I had the plants around me. I knew the plants. They gave me a feeling of comfort.”

Back in Brussels, Brumagne started Forest to Plate, a (for the moment) one-man organisation aimed at showing people the impressive edible bounty growing around them. “We want to show all the possibilities besides the food we eat from supermarkets and even from farmers, because the amount of food available is crazy. Once you see it, it’s phenomenal.”

In Brussels, together with his father, Brumagne organises four-course dinners made from some 30 wild plants that he has foraged. They lay out an impressive buffet of soups, salads and main courses with Brumagne explaining where all the ingredients came from, what nutrients they provide and how he cooked them.  “It’s more than just eating, it’s an experience,” he says.

So far, these dinners have attracted a motley crew of diners. They’re not only made of up the usual suspects – local herbalists, gardeners and other eco-minded folk – but also lawyers, doctors and bosses of banks.

“Our dinners have been an opening up for people, people who would never even go on a walk. Also lots of international people come. From the first or second dinner, we had people from Finland, Ecuador, Czech Republic. They’re on holiday and they see ‘wild edible plants dinner’ advertised onForest to Plate’s Facebook page and they come. It’s amazing.”

Besides the courses, Brumagne also teaches workshops and leads half-day walks through forests, showing people what to forage and how to do it responsibly. In the evenings, they cook with the wild plants they’ve gathered. Finally, he gives herbalist trainings, both for other herbalists or people with prior plant knowledge and for total beginners.

In the end, Brumagne’s vision is broader than just teaching people to recognise plant species. He would like to see a real community of foragers develop in Belgium, connected to foragers around the world, who write and operate under an agreed set of rules to make foraging safe and healthy for the environment.

Why go wild?

“Around 10,000 years ago we started doing agriculture and we started selecting out crops,” Brumagne explains. “We always wanted more sweet, less fibrous, less bitter, etc.” What has happened over the last 10,000 years, and certainly within the last 150 years, according to Brumagne, is that as we’ve modified our crops many of their nutrients have been lost.

“In wild plants you’ll still find these nutrients,” he says, which are powerful ways to stimulate the heart, the liver, the brain and the whole body in a variety of ways. “But that’s the end goal,” he laughs, “I usually never mention that.”

Beyond nutrition, for Brumagne, learning about plants has meant learning to see the world in a different way. “Four years ago, I didn’t know anything about these plants. I thought I was properly educated and that I kind of understood what was happening around me. Then I started learning plants and the whole world just doubled. “

The results surprised him. “I could see buildings before and I could understand texts and stuff, but now there’s so much green that has a meaning. Once you know that it’s edible and medicinal, the plant has a lot more worth. It’s more than green; it gives you a deeper connection.”

Perils of eating wildly

Asked if there are any risks to foraging for plants, Brumagne gets more serious for a moment. “Rule number one,” he says, “If you don’t know it, don’t eat it. Ever.”

Belgium has very few deadly plants, he says, maybe three or four. That’s not much compared to places like the tropics where up to a third of the plants could seriously harm you. However, we have plenty of poisonous plants that could make you sick, so you should know what you’re doing. He compares going into a forest and picking and eating at random akin to driving without a drivers’ license. “It can be dangerous.”

But with knowledge and a bit of experience, you’re perfectly safe, he says. “I’ve been doing this for four years and I’ve never had any problems, and I eat around 200 wild plants.”

Photo by Zach Ashton